Totaaloverzicht programma 1

Terug naar navigatie - Programma 1. Sociaal Domein - Totaaloverzicht programma 1
Totaaloverzicht per product
Product
Bedrag Begroot op 1 Juli 2026
Bedrag Werkelijk
Bedrag rechten en verplichtingen
Stand per 1 Juli
Prognose afwijking van de begroting per 31-12-2026
1.1 Sociale veerkracht
€ -2.748.221
€ -2.560.989
€ -54.422
€ 132.811
€ -
1.2 Integrale Toegang Sociaal Domein
€ -162.444
€ -96.821
€ -5.879
€ 59.745
€ 15.000
1.3 Werk en inkomen
€ -4.415.849
€ 4.240.762
€ -8.513.331
€ 143.279
€ 141.000
1.4 Maatschappelijke ondersteuning
€ -8.570.508
€ -4.198.470
€ -4.244.716
€ 127.322
€ 463.000
1.5 Zorg voor Jeugd en Sociale Veiligheid
€ -9.759.874
€ -4.689.506
€ -4.742.386
€ 327.981
€ 200.000
1.6 Gezondheid en Sport
€ -1.381.924
€ -1.049.737
€ -358.636
€ -26.449
€ -20.000
1.7 Onderwijs
€ -2.316.451
€ -943.890
€ -1.240.601
€ 131.960
€ 55.000
Totaal
€ -29.355.271
€ -9.298.651
€ -19.159.971
€ 896.649
€ 854.000

1.1 Sociale Veerkracht

Terug naar navigatie - Programma 1. Sociaal Domein - 1.1 Sociale Veerkracht

Voor dit product zijn geen bijzonderheden te melden.

(Als gevolg van de aanvullende subsidieverlening aan BWI, zie eerste kwartaalrapportage, dient het subsidieplafond met € 10.000 te worden verhoogd). 

1.2 Integrale toegang Sociaal Domein

Terug naar navigatie - Programma 1. Sociaal Domein - 1.2 Integrale toegang Sociaal Domein
De verwachte afwijking binnen dit product valt binnen de verantwoordingsgrens.

1.3 Werk en inkomen

Terug naar navigatie - Programma 1. Sociaal Domein - 1.3 Werk en inkomen

De eindejaarsprognose voor dit product laat naar huidige verwachting een overschot zien van € 141.000.

Dit wordt met name veroorzaakt door de volgende ontwikkelingen.

Intergemeentelijke Sociale Dienst
Op het budget van de Intergemeentelijke Sociale Dienst wordt een tekort van afgerond € 26.000 verwacht. Dit tekort is het gevolg van een geplande begrotingswijziging later dit jaar.

BUIG-budget
Op het BUIG-budget wordt voor 2026 per saldo een overschot van € 100.000 verwacht. Hoewel voor de bijstandsuitkeringen een tekort wordt verwacht, wordt dit naar verwachting volledig opgevangen door een hogere BUIG-uitkering van het Rijk. De prognose van de uitkeringslasten is door de ISD opgesteld op basis van de cijfers van april 2026 en de trends van het afgelopen jaar. De raming van de BUIG-uitkering is gebaseerd op de in april 2026 ontvangen nadere beschikking en het door het ministerie van SZW gepubliceerde gewogen indexatiepercentage, waarmee gemeenten een inschatting konden maken van de definitieve BUIG-uitkering. De definitieve BUIG-uitkering van het Rijk wordt in oktober 2026 vastgesteld.

Participatiebudget
Momenteel worden geen afwijkingen verwacht. Bij de vaststelling van de Re-integratieverordening is gekozen voor de mogelijkheid om inwoners boven de rijkstaakstelling voor beschut werk te plaatsen. Hiermee wordt voorkomen dat een wachtlijst ontstaat voor inwoners met een indicatie voor beschut werk. Momenteel zijn drie inwoners boven de rijkstaakstelling geplaatst. De hiermee gemoeide extra kosten worden niet door het Rijk vergoed. Op het budget voor sociale werkplaatsen is een overschot van € 98.000 beschikbaar gekomen. Dit bedrag is binnen het product overgeheveld naar het participatiebudget ter dekking van het ontstane tekort.

Minimabeleid
Op het budget minimabeleid wordt een overschot van € 17.000 verwacht. Dit komt met name door het Noodfonds, waarvan de uitgaven een grillig karakter hebben en daardoor fluctueren. Voor vroegsignalering is inmiddels een opdracht verleend. Hiermee worden de eenmalige middelen die het Rijk via de meicirculaire beschikbaar heeft gesteld, volledig ingezet.

Bijzondere bijstand
Op het budget bijzondere bijstand wordt per saldo een overschot van € 50.000 verwacht. Dit wordt met name veroorzaakt door een daling van het aantal aanvragen voor bijzondere bijstand. Daartegenover staan hogere uitgaven als gevolg van de ontwikkeling van de webshop, waarmee minimaregelingen toegankelijker worden gemaakt en een grotere groep inwoners wordt bereikt. De overgang van een systeem op declaratiebasis naar een webshop waarin verschillende activiteiten, zoals zwemles en ontspanning, worden aangeboden, leidt naar verwachting tot hogere kosten. Voor de extra kosten die voortvloeien uit de alleenverdienersproblematiek ontvangt de gemeente een bijdrage vanuit het Rijk via de meicirculaire. Hiermee wordt een aanzienlijk deel van de extra kosten gecompenseerd.

1.4 Maatschappelijke ondersteuning

Terug naar navigatie - Programma 1. Sociaal Domein - 1.4 Maatschappelijke ondersteuning

De eindejaarsprognose voor dit product laat naar huidige verwachting een overschot zien van € 463.000.

Dit wordt met name veroorzaakt door de volgende ontwikkelingen.

Algemeen
Sinds 1 januari 2026 zijn de nieuwe contracten voor Huishoudelijke Ondersteuning (HO) en Begeleiding (BG) ingegaan. Omdat 2026 een overgangsjaar is, worden cliënten gefaseerd overgezet van de oude naar de nieuwe contracten. Hierdoor wordt in 2026 deels nog zorg geleverd op basis van de bestaande contracten, producten en tarieven en is deels al gestart met de inzet vanuit de nieuwe contracten. Daardoor is het op dit moment nog niet mogelijk een volledig nauwkeurige eindejaarsprognose op te stellen voor deze onderdelen. Bij de derde kwartaalrapportage zal een objectiever beeld beschikbaar zijn, wanneer het grootste deel van de zorg is overgezet naar de nieuwe contracten, producten en tarieven.

Subproducten Huishoudelijke ondersteuning en Wmo-begeleiding
Er wordt vanaf 2026 geen forse stijging van de uitgaven voor Huishoudelijke Ondersteuning en Wmo-begeleiding verwacht. Het aantal inwoners met een indicatie neemt vooralsnog niet significant toe en de nieuwe tarieven zijn niet structureel hoger dan de oude tarieven. Hierdoor blijven de uitgaven naar verwachting binnen het beschikbare budget. Op dit moment wordt een overschot verwacht van € 84.000 op het budget Huishoudelijke Ondersteuning en € 290.000 op het budget Wmo-begeleiding. Voorgesteld wordt om hiervan € 100.000 toe te voegen aan het begrotingsresultaat. De ontwikkeling van deze budgetten wordt het komende kwartaal nauwlettend gevolgd. Bij de derde kwartaalrapportage worden, indien nodig, nadere wijzigingsvoorstellen gedaan.

Subproduct Hulpmiddelen, vervoer en woonvoorzieningen
Voor de onderdelen hulpmiddelen, vervoer en woonvoorzieningen wordt een overschot van € 45.000 verwacht. Deze budgetten zijn echter sterk fluctuerend en afhankelijk van incidentele, soms kostbare voorzieningen. Het huidige overschot kan daardoor gedurende het jaar omslaan in een tekort. Daarom blijft dit overschot binnen het product Maatschappelijke ondersteuning gereserveerd.

Subproduct Medisch advies Wmo
Voor medisch advies Wmo wordt een overschot van € 10.000 verwacht. Het budget hiervoor is in de Perspectievennota 2025-2028 structureel verhoogd met € 10.000, maar deze verhoging lijkt niet volledig noodzakelijk. Via de Perspectievennota 2027-2030 wordt voorgesteld dit budget structureel met € 10.000 te verlagen. Voorgesteld wordt om voor 2026 € 10.000 toe te voegen aan het begrotingsresultaat.

Subproduct Beschermd Wonen
Het subproduct Beschermd Wonen laat een overschot zien van circa € 34.000. Dit budget is gereserveerd voor onder andere de (voorbereiding van de) implementatie van de Wet woonplaatsbeginsel beschermd wonen. De invoering van deze wet is uitgesteld, wat het overschot op dit product verklaart. Voorgesteld wordt om via deze kwartaalrapportage een bedrag van € 15.216 over te hevelen naar product 1.1 Sociale Veerkracht ten behoeve van de uitvoering van vroegsignalering. Deze richt zich niet alleen op financiële problematiek, maar ook op het voorkomen van bredere sociale problematiek.

1.5 Zorg voor Jeugd en Sociale Veiligheid

Terug naar navigatie - Programma 1. Sociaal Domein - 1.5 Zorg voor Jeugd en Sociale Veiligheid

De eindejaarsprognose voor dit product laat naar huidige verwachting een overschot zien van € 200.000.

Dit wordt veroorzaakt door de volgende ontwikkelingen.

Hoogcomplex
Het aantal hoogcomplex E-verwijzingen is gestegen ten opzichte van vorig jaar. Een hoogcomplex E kost de gemeente € 161.796. Door deze stijging verwachten we een tekort op dit type arrangement van € 85.000.

Landelijke transitiearrangementen
Er wordt een tekort van € 160.000 verwacht. Deze voorziening is bedoeld voor jeugdigen die zeer intensieve zorg nodig hebben. Het afgelopen jaar is gebleken dat de kosten van een landelijk transitiearrangement (LTA) voor één jeugdige kunnen oplopen tot € 300.000.

Jeugdwetvervoer
Er wordt een tekort van € 38.500 verwacht. Jeugdwetvervoer wordt ingezet om jeugdigen van en naar de zorg te vervoeren wanneer dit niet door het gezin en/of het eigen netwerk kan worden opgevangen of wanneer de intensiteit van de zorg meer vraagt van het gezin en/of het eigen netwerk dan gebruikelijk is. Op dit moment zijn er nog geen beleidsregels waaraan de aanvraag en de hoogte van de vergoeding voor jeugdwetvervoer kunnen worden getoetst. Het streven is om deze beleidsregels in het derde kwartaal van 2026 vast te stellen.

Jeugdbescherming en Jeugdreclassering
In 2025 heeft de Jeugdhulpregio West-Brabant West gewerkt met voorschotten voor de bekostiging van jeugdbescherming en jeugdreclassering. Hierdoor is een vergelijking van de stijging van het aantal maatregelen ten opzichte van vorig jaar niet goed mogelijk. Wel zien we een stijging van de kosten voor zowel jeugdbescherming als jeugdreclassering. Hierdoor verwachten we een tekort van € 112.000.

JeugdzorgPlus
Het voorschot voor JeugdzorgPlus wordt berekend op basis van het aantal jeugdigen tot 18 jaar per gemeente. Hierdoor is het voorschot vaak hoger dan de werkelijke kosten. Tot en met het tweede kwartaal is nog geen jeugdige uit de gemeente Woensdrecht geplaatst in de gesloten jeugdhulp. Hierdoor wordt een overschot van € 98.000 verwacht.

Rijksmiddelen
Voor 2026 is een budget van € 517.500 beschikbaar voor het opvangen van tekorten binnen de jeugdhulp en voor de uitvoering van de Hervormingsagenda Jeugd, waaronder het versterken van de sociale basis en het inrichten van het Stevig Lokaal Team. Vanuit dit budget is inmiddels € 20.000 ingezet voor het lokaal preventief jeugdbeleid.

1.6 Gezondheid en Sport

Terug naar navigatie - Programma 1. Sociaal Domein - 1.6 Gezondheid en Sport

De verwachte afwijking binnen dit product valt binnen de verantwoordingsgrens.

1.7 Onderwijs

Terug naar navigatie - Programma 1. Sociaal Domein - 1.7 Onderwijs

De eindejaarsprognose voor dit product laat naar huidige verwachting een overschot zien van € 55.000.

Dit wordt met name veroorzaakt door de volgende ontwikkelingen.

Leerlingenvervoer
Voor het budget leerlingenvervoer wordt een overschot van circa € 75.000 verwacht. Dit wordt veroorzaakt door minder dure trajecten ten opzichte van voorgaande jaren en de inzet van de Voor Elkaar Pas Leerlingenvervoer. Omdat het budget voor leerlingenvervoer dynamisch is, kunnen zowel bij de start van het nieuwe schooljaar 2026/2027 als gedurende 2026 nieuwe kostbare trajecten ontstaan. In de derde kwartaalrapportage, na de start van het schooljaar, kan het verwachte overschot beter worden ingeschat. Indien mogelijk wordt een deel van het overschot via begrotingswijziging ingezet ter dekking van het verwacht tekort op het budget bewegingsonderwijs.

Bewegingsonderwijs
Voor het budget bewegingsonderwijs wordt in 2026 een tekort van € 20.000 verwacht voor de gemeentelijke bijdrage in de financiering van lokalen. Sinds 2024 is sprake van een tekort. De oorzaak hiervan ligt in een beleidswijziging per 1 augustus 2024, waarbij de gemeente alle benodigde klokuren financiert in combinatie met stijgende huurprijzen. Via de perspectievennota 2027-2030 worden hiervoor structureel aanvullende middelen gevraagd.